Het jaar rond voor volwassenen

De zon

Elke dag weer een overwinning van het licht op de duisternis.

Een geschenk van Licht, Warmte en Leven.

Lofzang op de ZON.

Hymnus Des Pharao Echnaton

Fragment uit Der Sonnengesang von El-Amarna

Du erstrahlst so schön im Lichtberg des Himmels
Du lebendige Sonne, die zuerst zu leben anfing.
Du leuchtest auf im östlichen Horizont
Und erfüllst alle Lande mit deiner Schönheit.
Du bist schön und gewaltig, glänzend und hoch über allen Landen.
Deine Strahlen umarmen die Länder bis zum letzten Ende deiner Schöpfung.
Du bist fern, und doch sind deine Strahlen auf der Erde.
Du bist im Angesicht der Menschen, und doch kann man deinen Weg nicht sehen.
Gehst du zur Rüste am westlichen Horizont
So ist die Welt in Finsternis wie im Tode:
Die Schläfer sind in der Kammer, die Häupter verhüllt,
Nicht kann ein Auge das andere sehen.
Jedes Raubzeug kommt hervor aus seiner Höhle,
Und alles Schlangengewürme beißt.
Die Welt liegt in Stille, denn der sie schuf, ist zur Ruhe gegangen.
Im Morgengrauen aber leuchtest du wieder auf und glänzest aufs neue als Sonne am Tage.
Es weicht die Finsternis, sobald du deine Strahlen spendest,
Die Länder sind in Festesstimmung,
Die Menschen erwachen und stellen sich auf die Füße:
Du hast sie sich erheben lassen.
Sie waschen ihren Leib, sie nehmen die Kleidung,
Ihre Hände erheben sich in Anbetung, weil du erschienen bist.
Die ganze Welt tut ihre Arbeit.
Alles Vieh labt sich an seinem Kraute,
Bäume und Pflanzen grünen;
Die Vögel fliegen aus ihrem Neste,
Ihre Flügel erheben sich in Anbetung für dich.
Alles Wild hüpft auf den Füßen,
Was da kreucht und fleucht,
Sie leben, weil du ihnen aufgeleuchtet bist…
Wie zahlreich sind doch deine Werke!
Sie sind verborgen vor dem Angesicht der Menschen.
Du einziger Gott, außer dem es keinen andern gibt,
Du hast die Erde geschaffen nach deinem Sinn,
Du einzig und allein,
Mit Menschen, Herden und allem Getier.
Die Fremdvölker, Syrien und Äthiopien und das Land Ägypten…
Du hast den Himmel gemacht fern von der Erde,
Um an ihm zu erstrahlen,
Um alles, was du, einzig du, erschaffen hast, zu sehen,
Wenn du aufleuchtest in deiner Gestalt als lebendige Sonne
Strahlend und glänzend, fern und doch so nah.
Du machst Millionen Gestalten aus dir, dem Einen,
Städte, Dörfer, Äcker, Wege und Ströme.

Bestemming

Afbeelding: Bestimmung (1970) door Walther Roggenkamp

 

Ich fühle die Ruder

der Schiffe

in meinem Herzen –

sie schneiden, sie drängen

und suchen

nach dem offenen,

noch zu bestimmenden Meer.

Von den Masten wehen die Fahnen

den Abschied landein –

und Vögel gleiten

auf Wellen der Klage.

Wenn die Kielspur

tiefer schneidet,

hört ihr die Namen!

Dann wird das Meer

zu dem grossen Auge _

tränenschwer

unter dem blauen Himmel –

grenzenlos seinem Anblick.

Doch auf windtanzenden Wellen

lockt der erste Sieg

den höchsten Tag zu verschenken:

Das Meer ist unser,

das weite, leuchtende,

sonnentragende,

sonnentrinkende Meer!

Ploegen in de lente maart 1905

Maart

Dit is een duivelskind, deze maand Maart.
Men kan dit in een stormnacht goed bemerken:
Hij buitelt door de schoorsteen op de haard
En blaast de torenhanen van de kerken!

Nochtans, al wat hij roert is slechts zijn staart,
Waarmee hij wind maakt als met vogelvlerken,
En van zijn hoef is enkel ’t boerenpaard
De drager, dat de akker gaat bewerken.

Rust en beweging is deze maand eigen:
Wildheid der luchten, en op aarde ’t wachtend
Verlangen naar wat eerlang komen gaat.

En drooggewaaide stoepen langs de straat
Zijn nooit zo helderblauw en kalm en smachtend
Als wanneer buien in de hemel dreigen.

Simon Vestdijk

 

A

Maria Lictmis

Maar boven alles gaat het om het gebaar van een ieder voor

steen, plant, dier en mens,

als voorbeeld voor een nieuwe generatie.

En dat geldt niet alleen voor het vroegste voorjaar maar voor het hele jaar.

Zelfs voor het hele leven.

 

De zachte krachten zullen zeker winnen 
in ’t eind — dit hoor ik als een innig fluistren 
in mij: zoo ’t zweeg zou alle licht verduistren 
alle warmte zou verstarren van binnen.

De machten die de liefde nog omkluistren 
zal zij, allengs voortschrijdend, overwinnen, 
dan kan de groote zaligheid beginnen 
die w’als onze harten aandachtig luistren

in alle teederheden ruischen hooren 
als in kleine schelpen de groote zee. 
Liefde is de zin van ’t leven der planeten

en mensche’ en diere’. Er is niets wat kan storen 
’t stijgen tot haar. Dit is het zeekre weten: 
naar volmaakte Liefde stijgt alles mee.

Henriëtte Roland Holst

(1869-1952)

kiemkracht

Kiemkracht (1976) door Walther Roggenkamp

Groei

Dit is de eerste

schuchtere groei

een zich ontplooien

naar het licht.

Eens is van liefde

en geduld

de tijd vervuld.

Dan staat

mijn stille tuin in bloei

en elk aandachtig bloemgezicht

is toegericht

naar U.

Ida Gerhardt

 

Aanbidding door de koningen door Elisabeth Oling – Jellinek

Driekoningenlied
 
Het kwamen drie koningen gereden
wel verre uit Orienten land
tot Bethleem der steden,
haars gelijk men nooit en vand.
 
Te Jeruzalem zo wij horen
aldaar zo wouden zij zijn,
zij vraagden: ‘Waar is Hij geboren
der Joden koningk fijn?
 
Wij komen hem aanbeden,
wij hebben Zijn sterre gezien;
het is zeer korts geleden,
het moet wonder bedien.’
 
Als Herodes dat verhoorde
wel zere ontzag hij hem,
van binnen hij hem verstoorde
ende alle Jeruzalem.
 
Hij beval hen te gane,
hij sprak: ‘Gaat, zoekt dat kind,
ik wil ’t ook beden ane,
koomt, zegt mij als gij ’t vindt’.
 
Als zij buiten Jeruzalem kwamen
op dieën zelven tijd,
haar sterre zij weder vernamen,
dies waren zij zeer verblijd.
 
Die Sterre was hen voor gaande
tot daar dat Kindeken was,
ende daar bleef zij staande,
zij buigden neder in ’t gras.
 
Een huisken zonder doren
dat vonden zij daar bij,
ende dat Kindeken geboren
van Maria die Maged vrij.
 
Zij vielen opter eerden
voor ’t Kindeken, dertien dagen oud,
zij offerden Hem met weerden
Wierook, Myrrhe en Goud.
 
’s Nachts als zij slapen wouden
heeft hun Gods engel geopenbaard
enen anderen weg dat zij trekken zouden
tot haren landen waart.
 
Nu loven wij altenen
dat Kindeken weerdelijk,
dat Hij ons wil verlenen
hier na Zijn eeuwig rijk.